8 Jobs | 0 Resumes | 1 Company
088-214 0000

‘En dan komt het magische moment…’ Kunstenaar Annemiek Vos vertelt over haar vak

Ze zijn de ruggengraat van de economie: vakmensen. Vandaag in deze serie: Annemiek Vos, kunstenaar.

„Schilderen is echt mijn vak. Elke dag ben ik in mijn atelier. Mijn specialiteit is stadsgezichten, met name van Groningen. Er zijn meer mooie steden, maar hier woon en werk ik.

Dit is mijn leefomgeving. Er liggen hier zo veel herinneringen. Meestal ga ik met de camera de stad in om foto’s te maken en ideeën op te doen. Soms heb je van dat weer dat je denkt: ‘Dit kan een heel schilderachtig beeld opleveren.’ Als het een beetje druilerig is bijvoorbeeld, of juist heel warm of koud.
Als ik dan een foto heb met een beeld dat ik wil schilderen, zet ik die op de laptop. Dan zet ik het formaat en de compositie van het schilderij uit. Die foto kan ook uit mijn archief komen. Daarin heb ik nog heel wat stadsgezichten die ik nog eens wil schilderen.

Stipjes

Op het doek breng ik eerst de achtergrond aan, vaak donkerrood. Vervolgens zet ik heel vaag de lijnen van het beeld uit. Dan ga ik schilderen, van donker naar licht, van grof naar detail. Je moet in een soort flow raken, waarbij je niet te veel nadenkt over wat je doet. Zo werk je langzaam naar het beeld.

Ik werk impressionistisch, met allemaal streepjes. Die zet ik er van heel dichtbij op. In het begin zie je alleen vlekken. Dan denk je: ‘Wat een chaos, wat wordt dit?’ En dan komt het magische moment. Wat van dichtbij alleen een verzameling streepjes lijkt, vormt van enige afstand een helder beeld; een vage vlek blijkt bijvoorbeeld een terras met mensen te zijn.

Ik ben nu bezig met een schilderij van de Vismarkt. Voor alle vier seizoenen wil ik hetzelfde beeld schilderen. Het is leuk om steeds een andere sfeer te pakken. De atmosfeer moet voelbaar zijn. Je moet ervaren of je wel of niet een jas aan moet.

Ik laat ook allerlei eigentijdse elementen zien: fietsen, auto’s, bussen. Het moet niet nostalgisch worden. Meestal zijn het ook vrij grote schilderijen. Het gekke is dat hoe langer ik dit werk doe, hoe beter ik weet wat ik wil. Ik zit nooit zonder idee.

Naar exposities ben je toe

Het leukste is autonoom werk, dat je zelf hebt bedacht. Ik werk ook wel in opdracht. Voor een echtpaar dat aan de Rijksuniversiteit heeft gezeten, heb ik bijvoorbeeld de Broerstraat geschilderd. Ze voelen een verbinding met die plek. Dan heb je overleg hoe het ongeveer moet worden.

Ik krijg ook wel opdrachten voor portretten van kinderen of andere famileleden. Ik heb van een hoogleraar van de Rijksuniversiteit een portret geschilderd dat nu in de faculteitskamer hangt. Ik vind het altijd spannend als opdrachtgevers voor het eerst zien hoe het schilderij is geworden. Dat vinden ze zelf trouwens ook. Ze besteden er immers een fors bedrag aan.

Jaarlijks heb ik ongeveer vier exposities. Daar werk je steeds naartoe. Per jaar maak ik zo’n 25 tot 30 schilderijen.”

De samenwerking

,,Ik ben lid van een intervisiegroep. Kunstenaar is een heel solitair beroep. Als je iets hebt gemaakt, zeggen mensen altijd: ‘Wat mooi.’ Andere kunstenaars kijken daar heel anders tegen aan. Het is goed hun opvatting te horen. Helaas zit de klad er een beetje in.

Daarnaast heb ik sinds het begin van de crisis om wat zekere inkomsten te hebben een donateursregeling. Maximaal 25 mensen betalen mij per jaar 350 euro. De ene helft van het bedrag is een bruikleenvergoeding, de andere helft wordt gespaard voor de aanschaf van een schilderij.”

De inspiratie

,,Dat zijn toch die fotosafari’s. Dat je een foto maakt waarvan je denkt: ‘Dát is het!’ Het is heel moeilijk om uit te leggen hoe dat werkt. Dat is maar goed ook. Als kunstenaar moet je niet te veel nadenken waarom en hoe je iets doet. Dan wordt het een truc.”

Bron tekst: dvhn.nl
Foto: Reyer Boxem

« »
© 2012 MobiliteitNoord | Lauwers 1, Assen | Morra 2-7, Drachten | Protonstraat 3a, Groningen | Dokter van Deenweg 108, Zwolle | Postbus 2608, 9704 CP Groningen | 088-2140000 | info@mobiliteitnoord.nl